• Hoog aan de ochtendhemel twee vliegmachines. Het ene is een lijnvliegtuig in zuidoostelijke richting. Het andere is een buizerd, vliegend naar het noordoosten. Beiden zijn op dit moment even groot.
• Op de rotonde komt een 45 km cabriolet voorbij in de kleur van een warmrode metallic lipstick. De vrouw aan het stuur is heel klein, ze kijkt uitdagend naar mijn auto die te groot is voor Lilliput.
• In de stille museumzaal staan beeldhouwwerken van 'The Englishmen'. Op het glazen dak wordt gewerkt, een boormachine maakt gierende uithalen bij Marvin Gaye's ' I heard it through the grapevine'.
• Bij de supermarkt passeer ik een dikke oude vrouw met een nors gezicht achter een rollator. Naast haar loopt een magere dertiger met zwarte cowboyhoed en tattoo op zijn rechterarm. Hij lijkt op Joe Dalton en kijkt nog onguurder dan zijn ma.
• Op de boekenmarkt heeft een handelaar zijn kratten met boeken gestapeld tot een manshoge kronkelende straat. Zo zou je ook een huis kunnen bouwen. Alleen het dak is een probleem, er zijn geen watervaste boeken.
• We zijn in Vroomshoop aan het Kanaal Noord. In het water weerspiegelt zich een villa uit 1910, genaamd 'Espérance'. Hoe wuft klinkt dat nu hier...
• Op het kerkhof rusten Arend Ballast en Geertje Niks in vrede.
• Op de grafzerk van Alberdina Nijboer: "Want ik heb geleerd / met de omstandigheden / waarin ik verkeer / genoegen te nemen" Filipp. 4: 11(onleesbaar)
• Tekst op kast reddingsboei: "In geval van Nood / Gooi boei voorbij drenkeling / Trek boei naar drenkeling / dan langzaam naar de wal / Wacht niet-Handel direct"
• Tekst op bord bij ophaalbrug: Verboden te vissen of te zwemmen binnen 50 m van een sluis, brug of ander kunstwerk.
zaterdag 9 augustus 2008
zaterdag 2 augustus 2008
Blad 11
• Het is een warme dag. Een groepje kraaien zit op paaltjes te zonnen in het weiland, allemaal met geopende bek. Het is alsof ze niet op het woord kunnen komen.
• In de winkelstraat hoor ik een geluid van vroeger: Puch brommers. Hun bestuurders met witte benen in korte broeken zijn ook van vroeger, in hun 'Sixties'.
• Op de camping is een 'markt'. Ik koop o.a. een sigaar uit de Dominicaanse republiek en 'Luftkrieg und Literatur' van W.G. Sebald. Beide kosten 1 euro.
• In de campingkantine heerst een melige verveling, de baas is een gespeeld blijmoedige man. Te dikke kinderen lopen in en uit met een ijsje. Ik eetlees in 'De Slechtste Gedichten' door Rik Zaal bij een bordje frites.
• Op het kerkhof van Ruurlo zoek ik tevergeefs naar het graf van Arthur Conley. In de stilte van de begraafplaats zou plotseling 'Sweet Soul Music' kunnen gaan klinken uit luidsprekers in de bomen.
• Het weggetje heet opeens 'De Brille'. Het is maar een kort stukje, net als het stokje van een lorgnet. Misschien daarom?
• Op het hoogste deel van de weg over de enk heet de boerderij TOP. Fietsend voelt het meer aan als een vals plat.
• Midden op de zandweg ligt een kapotte paraplu, in één lijn met de wegas. Het lijkt een pictogram voor: Pas op, rukwinden!
• De boerderij lijkt bewoond, maar in de huiskamer staan witte plastic tuinstoelen. Buiten staat een overjarig model Volvo, de vrijgezel kan het niks meer schelen na de dood van moeder.
• Bij een schuur staat een maaidorser van het merk 'Claas' weg te roesten. Altijd raar gevonden, deze brave naam voor een bruut oogstapparaat. Nu nog in gebruik bij 'Combineraces'.
• Ik sla een zijweg in met de naam 'Tobbert'. Een heel stuk verder loopt het dood. Dit is een voormalig arm veengebied waar geploeterd werd voor een boterham met bloedworst.
vrijdag 1 augustus 2008
Blad 10
• Een niet meer zo jonge vrouw lijkt aan haar tweede jeugd begonnen. Ze draagt een camouflagebroek en bestuurt een fiets van het type Beachcruiser. Een zware zonnebril houdt eventuele spottende blikken op afstand.
• In de tijdschriftenwinkel kijk ik tegen de haflblote rug van een zeer fors meisje. Haar topje met een lus om de nek is zover afgezakt dat haar flinke beha overduidelijk te zien is. Het wordt gecorrigeerd door een veel kleiner vriendinnetje en ik zie een gelijkenis met de karnak die een olifant ment.
• Het gezelschap oudere dames vraagt zich hardop af wie er vroeger ook weer zat in welk pand aan het dorpsplein. Ik denk mee, maar kom hier kennelijk nog niet lang genoeg want de plekken blijven zelfs na dertig jaar mentaal leeg.
• De dorpsgek, een oude man met een witte baard, staat stil met zijn fiets in de winkelstraat. De lach op zijn gezicht geldt het winkelend publiek, je kunt er inderdaad "Zie de mens" bij denken.
• Op straat zie ik een vrouw die er heel lang bij liep als meisje, compleet met strikken in het haar. De tijd heeft haar gezicht versomberd, maar haar benen zijn bewaard gebleven in veterloze, halfhoge leren laarzen. Ze kan er zo weer mee in een plas springen en spetteren.
• Bij de boeken staat een geestelijk gehandicapte mompelend alles te keuren. Geen AKO- of andere publieksprijs als richtlijn, hij trekt zijn eigen leesplan, terwijl hij ruikt aan papier en drukinkt.
• Podia met popmusici als religieuze belevenis. De voorganger is een sjamaan met snoerloze microfoon die de geesten in de juiste stemming moet brengen. Het publiek heft de handen ten hemel in een massapsychose voor het goede doel: klimaatneutraal energieverbruik.
• Op de deel van de boerderij is een kamer gebouwd met een breed raam. Ik krijg het gevoel in een bunker van de 'Atlantikwal' te staan en gedwongen het kanon te richten op een onzichtbare vijand in het groen achter de open deeldeur.
• De ene hond ligt op het erf voor dood in een middagslaapje, de andere is net een weiland ingehold en staat in het hoge gras gespannen te luisteren. Het felle zonlicht doet zijn vacht glanzen.
• De telefoon gaat, als ik opneem hoor ik een geroezemoes. Het klinkt als een volière met kwetterende vogels, een ervan heeft per ongeluk zijn mobieltje ingeschakeld. Zij ook al, het moet niet gekker worden.
donderdag 31 juli 2008
Blad 9
• Altijd als ik er langskom is de oude boer bezig in zijn aardappelveldje tussen het koren. Het wordt voortdurend bedreigd door onkruid en ongedierte als de coloradokever. Ik denk dat hij daar tenslotte zal sterven in zijn gevecht.
• Tegenover het aardappelveldje ligt het golfterrein, smetteloos. Daar wordt ook gevochten, om een betere handicap en een plaats in het netwerk. Naar deze sport vervoert men zich bij voorkeur per glanzende auto van een recent bouwjaar.
• Onder de grote beuk is het een vredig samenzijn van zwartbonte kippen, bruingevlekte geiten en een slapende eend. Het is zaterdagavond en het erf wordt aangeharkt door de boer met een vriendelijk bol gezicht.
• Een kilometer verder ligt het voormalig landgoed van de dichter Staring, die deze streek heeft verheven uit het moeras en tot de literatuur. Na hem een hele tijd niks en dan Bennie Jolink, hoorde ik eens -niet onjuist- beweren.
• Een grote oude man met elektrisch ondersteunde fiets wordt gebeld, zijn ringtone is een accordeonloopje. Gewichtig meldt hij nu in het centrum van Diepenheim te zijn en verspert de doorgang van de boekenmarkt.
• De boekhandelaren zijn in mineur, een hoosbui heeft hun waterschade toegebracht. Ondertussen blaast de kapel op het dorpsplein gezellige deunen. Ik waan mij ergens in Duitsland.
• In het boek over WO II treft mij de afbeelding van de zelfgemaakte damesschoenen met houten zolen. Op straat zou het klepperend geluid zich vermengen met dat van de Duitse spijkerlaarzen, volgens het onderschrift.
• In de buitenmuur van een kleurloze nieuwbouwwoning is een gevelsteen gemetseld. In het reliëf van gelig kalkzandsteen staat: UT TWENTE, de kapitalen maken het tot een statement.
• De zondag zit er op voor het VVV personeel. Uit de huisvesting -een oude stadsboerderij- worden spullen geladen in de witte stationcar door een vrouw in klederdracht. Het verleden moet blijven leven, ook al ligt het aan een modern infuus.
• Interessante stelling uit een krant: In het naoorlogse Duitsland zou het geestelijk vacuüm o.a. opgevuld zijn door moderne kunst. Niet belast door het verleden en slechts toekomstgericht. Je geest als nieuwbouwwijk, een 'Wirtschaftswunder '.
• Langs het kanaal kijkt een tienermeisje mij brutaal aan vanaf een picknicktafel. De auto staat open en heeft een Duits kenteken. Hier wordt 'Freiluft' ingeademd, een variant op de bovenstaande stelling.
woensdag 30 juli 2008
Blad 8
• Op mijn werkplek rent een roofspin heen en weer. Behalve een enkele vlieg leeft hij al maanden van mijn kruimels. Hij woont achter de laserprinter, in de sluimerstand, net als het apparaat.
• Het raam stond al dagen open vanwege de hitte. De zwaluwen besloten te gaan nestelen op de hanebalken en gingen er vast op schijten, als 'primer' voor het nest.
• Gaasvliegen, bleekgroene vliesvleugeligen, vaak met zijn tweeën suffend tegen het dakraam. Ze doen me denken aan chronisch zieken.
• Bij de doe-het-zelf winkel ging ik een nieuwe ruit halen, na een jacht op een bromvlieg. De eigenaar van de zaak vroeg of ik hem nagezeten had met een hamer.
• De hele winter zaten overal lieveheersbeestjes. Irritant, maar onaanraakbaar als symbolen van zinloos geweld.
• Kwikstaartjes slopen het rieten dak en kijken soms brutaal naar binnen, voorafgegaan door hun schaduw op het dakraam.
• De muis in doodsnood stond rechtop en weerde de kat af met zijn voorpoten. Vergeefs.
• Een spitsmuis zat met zijn bovenkaak in de val. Voorzichtig maakte ik hem los, daarop hij rende het bos in, met helse pijn en zonder hoop op kaakchirurgie.
• Na de beet van de kat was het zenuwstelsel van de muis beschadigd. Het dier bleef maar om zijn as tollen en wikkelde zichzelf vast in het gras. Dood leek het alsof hij gekruisigd was, in dezelfde houding.
• Door de vangst van moeder bleven de naakte, roze jongen achter onder de keukenkast. Ik durfde niet aan hun lot te denken.
• Het haperen van de auto blijkt veroorzaakt door muizenvraat in het luchtfilter. Rond het motorblok liggen hun keutels en de restanten van eikels. "Laat die beesten in kinderboeken blijven", verzucht ik.
• De wespennesten werden verdelgd door een morsige kerel die qua neus deed denken aan een schepping van Arcimboldo. Zijn nota was inclusief 19% BTW, voor een vluchtige handeling met een wit poeder.
• Ook de schoorsteenveger schrijft nota's en doet daarbij anekdotes over het volksdansen met landen uit Oost-Europa. Ik zie hem voor me, zwierend over de gladde vloer met een hoge zwarte hoed en een mooie zigeunerin.
• Hij was al in ruste, maar meneer Harmsen deed nog voor zijn plezier in bezems en borstels. Zijn vlotte babbel leek een cassettebandje dat ergens in zijn nette pak afgedraaid werd. Na een zeker jaar kwam hij niet meer, misschien was hij 'Uut de tied 'ekommen, net als de naam van zijn bedrijf: HAVO, te Vorden.
dinsdag 29 juli 2008
Blad 7
• Bij de niet al te florissante boerderij is een poel gegraven, vermoedelijk om de subsidie. De eigenaar zit in zijn zondagse trui op een plastic tuinstoel te kijken naar zijn aanwinst, die aangekleed is als een tuinvijver, compleet met fontein. Achter hem schijnt de avondzon boven het strak verkavelde landschap.
• Het waren weelderige bloeiende hortensia's, maar de vrouw kon niet blijven staan kijken op haar naaldhakken die wegzakten in de zachte tuingrond en haar het evenwicht deden verliezen.
• De kinderen op het partijtje zorgden voor het muzikaal behang met quatre-mains of spelen met de ellebogen. De toch al niet zo vlottende conversatie werd nog moeilijker.
• Als ranches opgeknapte voormalige boerderijen met hekken voor paarden en Porsches, wat in Bayern ongeveer hetzelfde is. Het platteland wordt een villawijk, noaberschap zal 'neighbourhood control' gaan heten.
• Verwarring van geluiden: straaljagers, onweer en zwaar agrarisch gedender. Soms ook met artillerieoefeningen, inmiddels afgeschaft door het leger. Nu de straaljagers nog.
• Ergens in deze buurt stond een lanceerinstallatie voor V1's. De hele omgeving was eens afgezet voor het opgraven van een afzwaaier, een voor Churchill bedoelde dodelijke sigaar.
• Alweer een toertocht, nu voor truckers. Chantal honkt naar Anita en die weer naar Debbie, met zware luchthoorns, een moderne fanfare.
• Op het terras zitten jonge mensen nog dikker te worden van hun snackbarmaaltijd. Achter het manshoge polyster ijsje zwelt in beeldrijm een witte wolk aan tot een onweersbui.
• Bij de oprit staat een bord met een kleurige reproductie van een abstract schilderij. Erboven de tekst 'Beeldende Keramiek' en de namen van een tweetal dames.
• De geit zit mekkerend vast met zijn horens in de afrastering. De eigenares heeft het niet gehoord, maar verzucht dat het altijd dezelfde is, die zwart-witte.
• Als we in het voorbij gaan "Goeiendag" zeggen tegen de familie aan tafel is het antwoord: "Kiek, een lugballon!" , die achter ons hing.
• De koeien in deze weide zijn ook te zien als acrylschilderij, door de boerin zelf. Ik bezie ze nu met andere ogen: hun huid is het canvas, hun poten het ezelstatief, de staart de kwast.
maandag 28 juli 2008
Blad 6
• "So, Schnauze" zeg ik tegen de zwarte hond terwijl ik voorbijfiets. "Ja, ja, 't is een Schnauzer!" zegt de eigenaar die een zware bril draagt op een eivormig hoofd met een bangige gezichtsuitdrukking.
• Het is drukkend warm, maar dat deert niet op de golfbaan. Een zwaargebouwde vrouw met zonneklep concentreert zich en slaat. "Tsssk!!", de bal lost zich op in de 'green', net als haar groene poloshirt.
• Alles is oud vandaag, de bejaarde fietsers met achteruitkijkspiegels, de veteraanmotoren, het landschap met zijn moegewerkte boerderijen, de bedorven lucht die ik inadem.
• Bij de oude witte villa staat een busje geparkeerd. Op de zijkant staat: www.deonthaasting.nl. Thuis zie ik op de website dat het een landelijke massagepraktijk is die ook cadeaubonnen hanteert: 1 uur à € 40. Misschien voor deze Vaderdag aan de bewoner geschonken?
• In de open auto stuurt de man, gecontreerd op de smalle weg, de vrouw speelt het spel mee. Zij zijn alleen op de wereld in hun donkerrode Facel Vega, maar ik herken hun voiture, terwijl ik mijn nek bijna verdraai.
• Op de speelweide in de nieuwe wijk hebben de kinderen hun dolle uurtje vòòr bedtijd. In een hoek van de weide een groep kraaien die wurmen zoekt, net zo intens maar zonder speelsheid.
• Ze voeren een huishoudelijk gesprek, de te zware in het zwart gestoken man en vrouw met fietshelmen op hun zwarte mountainbikes. Het is een zwaar contrast; de banale teksten en hun moderne sportieve outfit.
• Het onweer brengt wolken die op een ernstige brand met zware rookontwikkeling lijken. Ze hangen boven de tuintafel met lamp op zonnecellen. Die gaat aan door de verduistering, een decoratieve bolbliksem.
• in de verte onweert het zo zwaar dat de ruiten trillen. Zo moet een bombardement klinken. Ik denk aan een boze Boris Jeltsin over de NAVO-aanval op Servië: "Barbarski Bombardoj!!". Het klonk zoals ik het opschrijf.
• In mijn werkkamer hoor ik de vleermuizen achter het beschot. Ze buitelen nog rond voor de nestingang, maar de zon komt op en Nosferatu moet dan weer zijn kist in, zij ook.
Abonneren op:
Posts (Atom)